326H_55d

Dieper in de eenzaamheid van Murakami

Overtuigend surrealisme, dat typeert het oeuvre van Japanner Haruki Murakami. In Mannen zonder vrouwen blinkt hij er opnieuw in uit. Een longread over deze nieuwe verhalenbundel en de vraag naar wat Murakami zo onweerstaanbaar maakt.

Ik las mijn eerste Haruki Murakami (1949) toen ik drie maanden met mijn vrouw in Congo woonde. Dat was niet alleen een ander land, ik waande me er op een andere planeet.

We woonden in een stad in het noordwesten van Congo en nergens in de omgeving, nooit in het alledaagse leven van de Congolezen, zag ik een punt uitsteken waaraan ik mijn leven kon vastknopen. Dus las ik, en schreef ik; en zo wist ik weer wie ik was. Norwegian Wood van Murakami hielp me bij mezelf te blijven. En is dat niet veelzeggend? Een Japanner bood een Nederlander in Afrika houvast.

Ik ben niet de enige. Murakami behoort tot de schrijvers met een grote schare fans. Ze liggen voor de deur van de boekhandel als er een nieuwe roman verschijnt. Ieder kruimeltje tekst wordt verslonden, in 42 talen. Hij trekt jonge lezers aan zich, maar ook ouderen. Japanse, maar vooral westerse. Hij vertelt verhalen, waarin nieuwe verhalen oppoppen, die weer leiden tot andere verhalen en verhalen-in-verhalen. Over alledaagse thema’s (meestal liefdesrelaties), maar altijd met een bizar sausje. Jaarlijks tippen de bookmakers hem als grote kanshebber op de Nobelprijs voor literatuur. Wie Murakami nog niet gelezen heeft, mist een belangrijke en vernieuwende stem in de literaire wereld.


MurakamiZijn populariteit is ergens ook vreemd. Dikwijls schrijft de Japanner over zelfmoord en in zijn verhalen voert hij dieren op die kunnen spreken en tart hij graag met natuurwetten in voorvallen die zijn personages aannemen als normaal. Toch zou de Murakami-adept diep teleurgesteld zijn als Murakami eens een verhaal zou vertellen zonder buitenissigheden. Dat wil zeggen: een verhaal dat niet op een sprookje lijkt, of waarin realisme en absurdisme niet in elkaar overvloeien als een alledaags gegeven.
Dit alles kan gaan vervelen, maar niet in Mannen zonder vrouw, een verhalenbundel met zeven verhalen over mannen (en hun relaties met vrouwen). Voor wie Murakami nog niet kent is de bundel een goede kennismaking, voor de rest is het thuiskomen in een echte Murakami.

onszelf horen spreken

Kenmerkend is zijn eenvoudige, toegankelijke stijl. In het verhaal ‘Een onafhankelijk orgaan’ zien we er op de eerste pagina al twee voorbeelden van. ‘Er worden allerlei grote en kleine trucjes van zulke mensen vereist om hen in staat te stellen hun rechtlijnige (zal ik het maar noemen) zelf aan te passen […].’ En: ‘Al zijn er natuurlijk talloze mensen die zo zijn gezegend (anders kun je het niet noemen) dat ze zo’n zonnestraal nooit te zien krijgen, of als ze dat al doen, dat ze er niets van merken.’

Het gaat om wat tussen de haken staat. Of beter gezegd, dat het tussen de haken staat. Een terloopse gedachte die op het eerste oog stoort. Kan de schrijver geen trefzekere woorden vinden? Het lijkt om een geheugensteun te gaan tijdens het schrijven. Zo van: hier moet ik nog eens naar kijken. Maar dat is het niet. Murakami weeft deze verklarende frases door al zijn verhalen. Gek genoeg geeft dat zijn stijl een bepaalde kracht. In zijn zoeken naar juiste omschrijvingen kunnen wij onszelf herkennen. Al lezend is het alsof wij onszelf horen spreken, of onze vrienden, collega’s, broers en zussen. Alsof ze bij de borrel een anekdote vertellen.

Alhoewel, dat moeten dan wel mensen zijn met een uiterst creatieve geest. Mensen die in staat zijn om met surrealistische verhalen iets geloofwaardigs te vertellen over onze eigen levens. Want zo kun je de boeken van Murakami wel omschrijven. Er komen pratende dieren in voor, er vallen kleuters op mysterieuze wijze in coma, er reïncarneren dieren in mensenlichamen. Personages die je hooguit verwacht in sprookjes. Maar Murakami heeft bizarre gebeurtenissen en excentrieke mensen nodig om een punt te maken over hoe het is een mens te zijn op deze wereld.

En hoe is dat dan, volgens Murakami, een mens te zijn op aarde? Eenzaam, vooral. Hij schept werelden vol mensen die alleen zijn. En dat slaat aan, want uiteindelijk is ieder mens, op de keper beschouwd, voor een deel eenzaam.

Dit thema van eenzaamheid werkt hij mooi uit in ‘Kino’, een verhaal over een man die eerder terugkomt van een zakenreis en zijn vrouw betrapt in bed met een van zijn collega’s. Hij kijkt zijn vrouw in de ogen – naakt, bovenop gezeten – pakt zijn tas met wasgoed en verlaat het huis.

De volgende dag zegt Kino zijn baan op. Hij neemt een kroeg over van een tante, waar hij de hele dag naar jazz luistert. Het is Kino om het even of er klanten komen. Dat maakt hem een typisch Murakami-karakter, namelijk iemand zonder ambities en verwachtingen van het leven. Hij wil met rust gelaten worden, da’s alles.

Zoals bij alle verhalen van Murakami, is het wachten tot er iets ontwrichtends gebeurt. In ‘Kino’ klaart een mysterieuze man deze klus. Hij zit elke week één avond aan de bar een boek te lezen. Kino is in het begin een beetje bang voor hem. Na enkele maanden loopt de kroeg best redelijk en laat de mysterieuze gast zich niet meer zien. Af en toe verschijnen er rare snuiters ten tonele. Maar dan gebeurt er iets vreemds: er kronkelen ineens slangen rond de bar en op dat moment duikt de boekenlezer weer op. Hij stuurt hem op reis. Kino moet zo veel mogelijk rondtrekken en kan pas terugkeren als de man het zegt.

een jungle

Er is tal van prachtige kunst te vinden over het werk van Murakami. Check bijvoorbeeld eens hierw: http://murakamistuff.tumblr.com
Er is tal van prachtige kunst te vinden over het werk van Murakami. Check bijvoorbeeld eens hierw: http://murakamistuff.tumblr.com

Geen mens zou naar zulke onzin luisteren, maar Kino gaat. Doelloos reist hij rond, niet wetend waarheen en waartoe. Tot gebeurt waar de man op doelde. Kino breekt open. En daarin toont zich een andere kracht van de literatuur van Murakami. De wereld is een jungle. Steeds meer mensen lopen richtingloos rond op deze aardkloot. Ze reizen maar wat – of vluchten ze?

De verhalen van Murakami zijn als een gids. De boodschap is meestal doodeenvoudig: wees eerlijk, over jezelf, maar vooral ook tegen jezelf. Murakami doet het voorkomen dat het normaal is om je vrouw te verlaten als ze je bedriegt en een nieuw leven te beginnen – protesteren zal een Murakamikarakter niet – toch spreekt er ook een stem die zegt: maar dat ís niet normaal. Normaal is dat je dan huilt en boos bent en verdrietig. En als je dat niet toelaat, kun je niet verder met je leven.

Ook de andere personages uit Mannen zonder vrouw dealen met de kenmerkende leegte die Kino omgeeft. Zoals in Hollywoodstudio’s groene achtergronddoeken staan om in de montage om het even wat te kunnen projecteren, fungeert bij Murakami het lege personage. Hij kan hem ongehinderd vullen. Niets staat in de weg als ze botsen tegen uitzonderlijke natuurverschijnselen en bizarre situaties.

Meestal vult Murakami zijn karakters met verhalen van andere mensen. Zo is er in Mannen zonder vrouw een man opgesloten in een huis. Eens per week vult een vrouw de ijskast, maakt schoon, biedt haar lichaam aan en na de seks vertelt ze verhalen. Dat zijn surreële, idiote en dromerige verhalen. En de man hoort ze nieuwsgierig aan – net als de lezer. Misschien is het wel daarom dat Murakami voor deze personages kiest. Is dat de verklaring van zijn populariteit. Want is ook niet de lezer blanco? Murakami weet hem in elk geval vaak zozeer een verhaal in te zuigen dat hij even al het andere kan loslaten.

Geef een reactie