Spelend in een hoek van het huis kijkt de kleine Svyato op en ziet in de aangrenzende kamer iets merkwaardigs. ‘Even kijken’ denkt hij. In dat merkwaardige dat hij ziet komt zijn evenbeeld op hem toe gerend. Ze naderen elkaar tot de afstand zo klein als de dikte van het scheidende glas. En als Svyato dan zijn arm omhoog doet, doet die merkwaardige andere ook een hand omhoog.
Hij gaat terug naar haar speelgoed, loopt voorzichtig weer naar de spiegel, keert weer terug naar haar speelgoed en besluit toch nog eens naar de spiegel te gaan. Zo gaat dat eigenlijk veertig minuten door. Steeds ontmoet Svyato zijn spiegelbeeld, maar het lijkt wel alsof hij niet kan geloven dat het zijn spiegelbeeld is. Van zoiets heeft hij namelijk nog nooit gehoord. Hij kent de idee spiegel niet.
Svyato is 2 jaar en zijn ouders hebben er al die maanden op toegezien dat hij nooit in een spiegel zou kijken (ik denk dat hij ook nooit een foto van zichzelf heeft gezien, dat moet haast). Tot het moment dat zijn vader drie grote camera’s in het huis plaatst en een grote spiegel. Geduldig als die vader inmiddels is, wacht hij tot zijn jongste zoon voor het eerst zichzelf ziet. Dat levert prachtige film op.
Het mooie van deze film is het moment dat Svyato in huilen uitbarst. Voor het eerst maakt hij kennis met emoties als wanhoop en onzekerheid. De wereld zoals hij die kende blijkt ineens anders. Daar loopt namelijk zoiets als een individu in rond en die individu dat is hijzelf.
Die laatste ontdekking doet Svyato eigenlijk pas te volle op het moment dat zijn vader naast de spiegel gaat zitten. Svyato ziet dan zowel zijn vader als het spiegelbeeld van zijn vader. De wanhoop van zijn kind werd filmmakker Kossakovsky te veel. In fluistertaal zegt hij, zittend voor de spiegel, naast het kind: ‘dat ben jij’. Dan wordt het raadsel ontrafeld. Vanaf dat moment gaat Svyato geloven. Geloven dat hij een spiegelbeeld heeft, een evenbeeld.
Willem Jan Otten zei het gisteren na afloop van de film heel treffend. ‘Svyato heeft een werkelijk andere nodig om zichzelf te kennen.” Dat klopt. Want ook als ik in de spiegel probeer te kijken, zie ik vaak iemand en ik weet niet goed wie dat precies is. Pas als iemand met mij naar mij gaat kijken, zie ik dat die andere, die vage, dat ik dat ben. Ik zie pas dat die ik ik is als een ander mij daarvan bewust maakt.
Bekijk hier de hele film (duurt 40 minuten en is echt de moeite).




